| Fint
Alosa fallax Maximale lengte: 55
cm
|
|
|
Omschrijving:
De fint is bezig met een sterke 'comeback'. Was hij tot een jaar of vijf geleden steeds minder te vangen, is hij nu weer een veel voorkomende vis. Het is een familie van de haring met ook dezelfde nadelen, namelijk het snel sterven buiten het water en het verliezen van de schubben bij het vastpakken, wat vaak als gevolg heeft dat parasieten éénmaal weer in het water vrij spel hebben. |
| Men dient dus deze vis voorzichtig
te behandelen bij de vangst en het liefst uit het water scheppen met een
heel fijnmazig schepnet.
Is een directe broer van de elft, welke maar één stip achter zijn kop heeft. Helaas is de elft echter zo goed als uitgestorven in Nederland. Beste vangsttijd: In de middag en avond op een warme zomerse dag is deze goed te vangen. Beste aas: Ze willen wel eens bijten in een zager, witje of een klein aasvisje, maar het beste ( en het leukste ) zijn ze te vangen met kunstaas. Vangstmethode: Je kan ze belagen met eenzelfde constructie als bij het vissen met een dobber. Ze zijn dan ook wel eens een bijvangst bij het vissen op geep. Een dobber met een wapperlijn van anderhalve meter met een haakje 6 of iets groter voldoet vaak prima. Vissen met shads e.d. werkt ook uistekend. |
| Verspreidingsgebied:
Ze zijn te vinden op stukken waar het water snel stroomt bij bijvoorbeeld langs pieren, sluizen, uitlaatstromingen van centrales en strekdammen. De betere stekken vindt je langs de pier van Hoek van Holland, de Noord en Zuidpier en de Nieuwe Waterweg. |
![]() |